woensdag 20 juli 2011

Château Chinois



Vandaag op mijn andere blog:
Hoe probeert Bordeaux de Chinese wijnwereld te veroveren? En hoe reageren de Chinezen daarop?

dinsdag 19 juli 2011

De feestelijke inhuldiging


Monsieur le maire de Saint-Pompon

Gisterenavond was het dan zover: de feestelijke inhuldiging van ons balconnetje. Het halve dorp was aanwezig en de vele hapjes die Carine had klaargezet, waren al op voordat het echt begon. Nieuwe flessen moesten al snel worden aangerukt en van m'n zomervoorraad 'ti ponch bleef geen druppel over. Kortom, het werd een echt feest. Een grote rol was weggelegd voor schilder Herdin die niet alleen zijn doek Shakira presenteerde maar ook de Franstalige uitgave van zijn boek. Deze laatste werd aan burgemeester Thomas overhandigd, waarna de gitaar van stal werd gehaald. Echt waar, het werd een heuse jam session, want meerdere aanwezigen bleken over drum-, snaar- en zangtalent te beschikken. Ook onze piepjonge burgemeester speelde gitaar. Zijn chansons met snelle diepgaande teksten waren voor ons niet altijd te begrijpen. Om zeven uur, nét voordat het feest moest beginnen, was er nog een hevige stortbui, daarna bleef het kurkdroog tot middernacht. Hiervoor wil ik een speciaal dankwoordje richten tot Meteo France die dit voor ons regelde.


maandag 18 juli 2011

In afwachting van


Zoals ik u al eerder meldde, zal vanavond om 19.30u het grote moment zijn aangebroken dat ons nieuwe balconnetje wordt ingehuldigd. Omdat er een schilder bij betrokken is, noemen we het evenement een vernisage. Daarover later meer.
We hebben er veel werk van gemaakt, logisch als je beseft dat ook de burgemeester, een journalist van de SudOuest en een grote afvaardiging van de Engelse kolonie aanwezig zullen zijn. Gisteren al heeft Carine quiches gebakken en sausiesen gekocht. Crémant de Limoux, witte en rode wijn, 'ti ponch en zo meer staan koel, via Bruno hebben we een tap gehuurd. Op ons eigen pleintje hebben we tafels en banken opgesteld. Nu maar hopen dat het droog blijft.
Zelf heb ik een nieuwe bleu gekocht die ik straks zal aantrekken. Want dat is de traditie van deze streek: voor een feest koopt de boer een nieuwe bleu.
Wat vanavond tevens op het balconnetje gaat gebeuren, is de onthulling van het metersgrote schilderij dat Herdin voor zangeres Shakira maakte. Zij zal op het balcon staan terwijl Herdin haar met zijn gitaar een ode brengt. Hoe dan ook, regen of geen regen, het zal een plezante avond worden waarin alle eventuele ongemakken door middel van alcohol zullen worden weggewuifd. Morgen zal ik u resultaten uiteraard tonen, althans wanneer mijn kater niet àl te groot is.
In Saint-Pompon is iedereen altijd op zoek naar een excuus voor een feestje. Ditmaal kun je moeilijk van een excuus spreken, want hoe vaak gebeurt het dat er een nieuw balconnetje verschijnt?

Hoe gek is de eenzame fietser


Een gek. Dat is wat vele mensen van mij vinden als ik tijdens mijn vakantie achter de betonmolen sta. Wellicht hebben ze gelijk, ik heb echter dezelfde mening over hen. Want kijk eens rond je heen. Er zijn mensen die op vakantie een racefiets op hun auto binden. Zodra ze op de camping zijn, worden de bandjes nog eens opgepompt en gaan ze keihard fietsen. Dat lucht op, zo'n energiestoot. Helemaal kapot en bezweet komen ze na enkele uren weer bij hun tentje of sleurhut aan. Ook ik ben helemaal kapot en bezweet, in wezen doe ik precies hetzelfde. Het enige verschil is dat ik resultaat zie en de fietser niet. De fietser zit na twintig jaar nog steeds op een camping terwijl ik met dezelfde calorieën een eigen paleis heb gecreëerd. Wie is dan gek? Ik of de fietser? Enfin, iedereen denkt er maar van wat hij wil. Ik ben zeer tevreden als ik 's ochtends mijn 'bleu" kan aantrekken om er weer eens lekker tegenaan te gaan. Sinds ik half juni in Saint-Pompon arriveerde, ben ik ruim zes kilo kwijtgeraakt en dat is voor een culinair schrijver geen luxe.
Het is altijd plezierig om te weten dat je niet de enige gek bent. Zo kwam ik op het internet Bas Hogenboom tegen, een collega-blogger die in Marminiac bouwkundig aan het ploeteren is. Marminiac ligt vlakbij, net over de departementsgrens in de Lot. Bas en ik kennen elkaar niet, maar dat zal ooit wel veranderen als we mekaar par hazard tegenkomen in een bouwmaterialenhandel. Ach, weet u, eigenlijk wist ik altijd al dat ik niet de enige gek kon zijn. Elk dorp heeft zijn dorpsgek, of dat dorp nu Saint-Pompon of Marminiac heet. U vindt de wetenswaardigheden van mijn collega op http://marminiac.blogspot.com

zondag 17 juli 2011

On s'occupe de vous


Het is inmiddels zo'n acht of negen jaar geleden dat we bij de Franse aannemer een offerte aanvroegen voor de verbouwing. Zelf hadden we geen enkele ervaring met pierres, poutres, plâtre, tradifarge, hordies, génoises, tout à l'égoûts en al die snuisterijen meer. Al een week later kwam de aannemer zijn uitgebreide en zeer gedetailleerde offerte presenteren. We waren direct enthousiast want het zag er heel serieus uit en de prijs viel eigenlijk best wel mee. Meteen na de vakantie zou hij beginnen. Dat klopte ook, want toen wij in september terugkwamen, was de kelder uitgegraven en daarin een betonnen werkvloer gestort. Enfin, dat is nu dus zo'n acht jaar geleden, sindsdien heeft de aannemer zich niet meer laten zien. Hoewel, we komen hem regelmatig tegen, de wereld in de Périgord is klein. Soms ontmoeten we hem in de bouwmaterialenhandel. Soms zwaait hij onderweg naar ons, hij stopt dan om een praatje te maken. Elke keer opnieuw, nu al acht jaar aan een stuk, vertelt hij enthousiast dat hij weldra bij ons gaat beginnen. "On s'occupe de vous", zegt hij dan. Hij heeft de offerte met een punaise boven zijn bureau bevestigd ten teken dat het ernst is. Hij wacht alleen nog op enkele materialen. O ja, destijds hebben we hem een sleutel van ons huis gegeven, met een sleutelhanger in de vorm van een belletje. Dat was bedoeld als stille wenk. Die sleutel ligt paraat, zo zegt hij op vertrouwenwekkende toon.
Wat moet ik hem zeggen als ik de sympatieke man tegenkom? Dat ik inmiddels àlles zelf heb gedaan? Dat ik inmiddels huis nummer twee ook al heb verbouwd? Dat hij niet meer nodig is en dus de sleutel kan inleveren? Nee, dat zou een beetje pijnlijk zijn. Daarom laat ik hem telkens in de waan dat hij volgende week met de verbouwingen kan starten. Dat geeft hem en goed gevoel. Uiteindelijk is het allemaal onze eigen schuld: we hadden weliswaar een datum afgesproken, maar geen jaartal, ik besef het maar al te goed.
Als ik de offerte van destijds er nog eens op nasla, kom ik tot de conclusie dat ik met mijn eigen handen zo'n 40.000 euro heb bespaard. Niet alleen de aannemer heeft dus een goed gevoel, ook ik.

donderdag 14 juli 2011

Sur le balcon de Saint Pompon; on y danse


Het mannelijke deel van de plaatselijke bevolking loopt vanochtend zenuwachtig rond. Er wordt met tzfels en banken gesjouwd, de feestverlichting wordt getest. Het is namelijk de quatorze juillet en op deze gedenkwaardige dag van liberté, égalité en fraternité houdt elk zichzelf respecterend dorp een feestje. De eerste tekenen waren gisteren al te zien want toen werd zoals elk jaar een vrachtwagen van de lokale veevoederfabrikant opgesteld, de huif aan één zijde open. Dit wordt het podium van de muzikant. Ik verheug me vooral op vanavond vanwege hem. Het is een accordeonist die met zijn voeten allerlei lichteffecten bedient. Hij speelt gigantisch vals, maar wel gezellig. Omdat elk jaar precies hetzelfde is als de vorige jaren, weet ik precies wat er vanavond gaat gebeuren en dat maakt het extra spannend. Zoals een film die je al tien keer hebt gezien.

Heel tevreden ben ik over ons balconnetje dat nu helemaal klaar is. Echt een opera-balconnetje. Aanstaande maandag te 19.00 uur stipt zal de vernisage plaatsvinden. We nodigen de buurt en de burgemeester uit voor een drankje en een hapje terwijl de plaatselijke troubadour Herdin zijn gitaar zal laten klinken. Sur le balcon de Saint Pompon, on y danse, on y danse.

woensdag 13 juli 2011

De witte merel



In de lage landen kennen we ze niet meer: de boerenknechten. In heel Frankrijk bestaan ze nog wel degelijk. Het betekent dat een jongeman, meestal van boerenafkomst en zonder grote talenten, zich laat inhuren door een boer. De "domestique de ferme" is de klusjesman van de boer, hij geeft een paar extra handjes. Binnen de boerderij van zijn werkgever heeft hij een eigen appartement met bed, knuffelbeer en tv-toestel. De domestique blijft in regel zijn hele leven bij dezelfde baas werken, hij wordt een onmiskenbaar deel van het boerengezin. Hij ploegt, egt, zaait, raapt eieren, plukt druiven en repareert de tractor. Gelukkig maar, want de gemiddelde boerderij heeft echt wel zo iemand nodig. Er is echter één probleempje en dat is dat de knecht vrijwel altijd van het mannelijke geslacht is. Hij heeft dus hormonen en daarvoor zijn knuffelberen niet altijd een probaat middel. Vandaar dat er op het Franse platteland hier en daar bordeeltjes bestaan. Meestal zien ze eruit als een cafeetje en liggen ze wat afgelegen. Een terras hebben ze niet en de gordijnen zijn gesloten. Hier komen de domestiques van de regio aan hun trekken, meestal éénmaal per maand. Ook bij ons in de buurt is zo'n groezelig etablissementje gevestigd, met de veelbelovende naam Le Merle Blanc. Zie je een knecht vrolijk op de tractor rondrijden dan is hij zojuist bij de witte merel geweest of gaat hij er vanavond naartoe.

zondag 10 juli 2011

Enerverende tijden




De laatste weken ben ik allerlei klussen aan het doen die de kroon op het werk ofwel de kers op de taart moeten worden: de afwerking. Veel werk ging zitten in de tuin van de forge. Spuiten, ploegen, oeverloos egaliseren, nog oeverlozer stenen verwijderen. Van alle steentjes die tevoorschijn kwamen, maakte ik een rotstuintje rond de seringenboom. Vervolgens kon het gras komen, op rol. Na het uitrollen en aanstampen heb je echt wel trek in een douche.


Toen de tuin klaar was ben ik begonnen met het voegen van de buitenmuur van het andere huis. Het resultaat is fenomenaal. Op de foto ziet u het raampje van de logeerkamer. De druiven doen driftig mee aan het mooie beeld.


Vervolgens is mijn timmerman Frédéric gisteren begonnen aan het vervangen van het oude betonnen balconnetje. We schaften dikke eiken balken aan en met de motorzaag werd er een mooie vorm van gemaakt. De bedoeling is dat vanmiddag alle andere houten elementen worden gemonteerd.

zaterdag 9 juli 2011

Een toque in de GaultMillau


De nieuwe GaultMillau restaurantgids Frankrijk is uitgekomen en wie staat er plotseling in vermeld? Jawel, onze eigen dorpsrestaurateur Bruno. De inspecteur was stomverbaasd over de kwaliteit en de prijzen, zodanig dat Chez Bruno met één toque werd beloond. Zie hier de vertaling van wat de gids vermeldt:

Sommige lezers zullen zeggen dat dit restaurant niet thuis hoort in deze gids omdat het een dorpscafé betreft, omdat er geen zilveren bestek op tafel ligt, enzovoort. Onze trouwe lezers zullen echter blij zijn met dit adres dat een toegevoegde waarde geeft aan onze gids. Inderdaad is het een simpel café, gevestigd in de hoofdstraat van Saint-Pompon. Het restaurant bevindt zich in een aparte zaal. De naam van de patron is Bruno. Hier wordt niet gefoezeld. Bruno serveert een lekkere eendelever, een onvervalste omelet aux cèpes en een uitgebreide confit die uitstekend bereid is. En dat voor prijzen die niet meer van deze tijd zijn. Als dàt niet de moeite waard is...

Prachtig. Bruno is zo trots als een aap met zeven geslachtsorganen. Onze krant, de SudOuest, kreeg lucht van de eervolle vermelding, dus kwam er in Saint-Pompon een journalist langs voor een artikel dat een dezer dagen zal verschijnen. Mij werd gevraagd om een bijpassende foto te maken. Wat GaultMillau nu heeft ontdekt, wisten wij dorpelingen uiteraard al lang. Nu Michelin nog.

vrijdag 8 juli 2011

Originele Pompon messen


Eerder berichtte ik al dat onze plaatselijke schrijnwerker Frédéric Allègre het plan had opgevat om een zeer traditioneel stukje Saint-Pompon in ere te herstellen. Het zakmes dat een kleine honderd jaar geleden nog in ons dorp gemaakt werd, is daarmee terug van weggeweest. Het resultaat is fantastisch geworden, niet in de laatste plaats omdat het mes "Le Pompon" geen enkele techniek in zich heeft en daardoor zeer licht van gewicht is. Het is 100% handwerk. Frédéric zoekt in de bossen en aan de randen van de weiden naar zeldzame inheemse bomen die door bliksem of storm zijn geveld. Op dit moment bestaat zijn assortiment al uit notenhout, inlandse eik, buisson noir (wilde pruim), cormier (de hardste houtsoort van de Périgord), wilde appel en jeneverhout. Ik heb er een uitgekozen van jeneverhout omdat de geur van dit hout doet denken aan amandel en lavendel, een geur die zelfs na vele jaren niet verdwijnt.
Frédéric heeft al meteen veel succes, dit omdat de SudOuest er een artikel aan besteedde.
Omdat het allemaal handwerk is, zijn de messen niet echt goedkoop: afhankelijk van de houtsoort tussen 49 en 79 euro. Toch overweeg ik om dit mes in onze Culiboutique op te nemen, want waar vind je nog èchte authenticiteit.

donderdag 7 juli 2011

Bonjouren


Zie hier een Nederlands werkwoord dat in een maand als juli overuren maakt. Ik heb het eigenlijk nooit echt goed begrepen en het is voer voor psychologen. Stel dat ik in Nederland of België de mensen op straat goeiendag zeg. Men is dat bijna in staat om de politie te bellen, bedreigd door zo'n overmaat aan brute intimiteit. Soms, na lange tijd in Frankrijk te zijn geweest, heb ik wel eens de neiging om de passanten op straat te groeten. Dat leer ik dan echter zeer snel af, want iedereen kijkt verschrikt.
Maar dan een dag als vandaag. Ik ben voor het huis bezig met het voegen van de stenen muur en om de haverklap komen er toeristen voorbij gewandeld, meestal Nederlanders of Vlamingen. En wat zegt iedereen tegen mij? Jawel, men zegt bonjour. Ongevraagd. Met andere woorden, verdorie, men groet mij. Dezelfde mensen die in de lage landen de politie zouden willen bellen. Kennelijk hoort dat bij de vakantie, zoals ook de typische technicolour vakantiekleding erbij hoort. Bonjour, bonjour, bonjour, de toeristen weten van geen ophouden. En dan, na enkele weken bonjouren, zijn ze weer thuis. De groet gaat dan voor dik elf maanden in de kast. Merkwaardig, vindt u niet?

donderdag 30 juni 2011

Oude gezichten, nieuwe gezichten




Sommige gezichten zijn volkomen vertrouwd. Ze kijken je immers elke dag opnieuw aan. Je zegt ze vriendelijk bonjour, nooit zeggen ze iets terug. Allemaal hebben ze hun eigen uitdrukking die in de loop der tijd lichtjes kan veranderen.

Met het jaarlijkse toeristische seizoen maak je kennis met nieuwe gezichten. Je zou denken dat ze allemaal vrolijk zijn, maar dat is niet altijd zo. Er zijn chagerijnen, ernstigen, lolbroeken, bijters, kortom voor elk wat wils. Je moet alleen even de moeite nemen om ze te ontdekken. Straks, begin september, zijn ze weer weg. Ik heb nu al weer heimwee.



vrijdag 24 juni 2011

De Franse tv


Gisterenavond heb ik entrecôte à l'échalotte pommes sarladaises gegeten chez Bruno, ik kon niet anders dan intussen tv kijken. In alle Franse café's staat de tv namelijk op de meest markante plaats en maakt veel herrie. Overdag, ik heb het nog nooit begrepen, zijn het beelden van paardenrennen waar de Fransozen gebiologeerd naar kijken. Waar de Franse tv echt goed in is, is het nieuws. Men trekt rustig een uur uit om het nieuws van alle regio's te laten zien, iets waar ze bij ons in het noorden eens over zouden moeten nadenken. Paardenrennen, nieuws, het is allemaal klein bier vergeleken met de Franse spelprogramma's. Daar zat ik tijdens mijn entrecôte gedwongen naar te kijken, graag doe ik u verslag. Al vanaf 's ochtends mag ik op afstand van die programma's genieten. Het is namelijk zo dat mijn buren links en rechts zeer oud en zeer doof zijn, gelukkig voor hen en helaas voor mij heeft hun tv-toestel een volumeknop die tot tien gaat. Vanaf een uur of zeven, de oudjes staan vroeg op, begint het kabaal. Maar nooit begrijp je op afstand waarom er ineens applaus klinkt. Terug naar mijn entrecôte. Sinds ik die degusteerde, ben ik een ervaringsdekundige wat de Franse tv aangaat. Niet dat ik het begin van een spelprogramma meemaakte, want een begin is er nooit, zoals er ook nooit een einde is. Het is er gewoon. In tegenstelling tot bij ons zijn er meerdere spelleiders, ik schat een stuk of vier. Die doen clowneske dingen waar het publiek om applaudiseert. De spelkandidaten zijn, gemeten naar hun kleding en overige uitstraling, rechtstreeks met spiegeltjes uit de bomen gelokt. Uit la France profonde, uit de diepe binnenlanden. Ze hebben allemaal een trui aan, hoe warm het onder de studiolampen ook moet zijn. En ze hebben allemaal een grote naamkaart op de borst. Dat laatste is helemaal niet nodig want ze heten allemaal Jean-Michel en Brigitte.
Dan zie ik een der kandidaten haastig rondlopen in tennisschoenen maat 256 met een enorme sleutel in de hand. Maar ja, welk kastje zal hij openen? Het lukt hem, aan zijn score wordt 13 euro toegevoegd. De hele zaal staat op zijn kop en de presentatoren doen nog eens een danspasje. Plotseling begint de hele zaal een zojuist gecomponeerd liedje te zingen, een ode aan Jean-Michel. Waarna de zaal, de spelleiders en de kandidaten zichzelf op een staande ovatie tracteren. Jean-Michel, die met die geitenwollen trui, wint ook nog eens de bonus en dat is een hoekkastje. Beduusd staat hij naar dan ding te kijken, hij heeft helemaal geen hoeken in huis. Geeft niet, de blijdschap van de zaal is er niet minder om. Een der spelleiders, iemand die een rare muts heeft opgezet, krijgt plotsklaps een slagroomtaart in zijn gezicht en kijkt daarbij heel verontwaardigd. De zaal is naar aanleiding van dit voorval in twee kampen verdeeld, de ene helft klapt, de andere helft roept boe. Waarna de klappers boe gaan roepen naar de boe-roepers. Groot tumult, dat wilt u begrijpen. Zestig miljoen Fransen zitten nu op het puntje van hun chaise voor de buis, de spanning moet voor hen bijna ondraaglijk zijn geworden.
Hoe loopt dit spannende verhaal af? Helaas, ik weet het niet, mijn entrecôte is op.

donderdag 23 juni 2011

Collectionneur


Mensen die mij kennen, weten dat ik een grote afwijking hebben en dat is dingen sparen. Maakt niet uit wat, als het maar dingen zijn. Vele honderden kermishorloges, vele honderden sneeuwbolletjes van overal, duizenden oude kookboeken, vele honderden single malt whiskies, gitaren, speelgoedgeweertjes, oude slagroomkloppers, kinderfornuisjes, fototoestellen, porselein in de vorm van groenten, je kunt het zo gek niet bedenken of ik heb er een verzameling van. Het is nu eenmaal zo, ik kan er ook niks aan doen. Nu zijn er ook verzamelingen die nog nooit iemand had gezien omdat ze ergens op zolder liggen. Onlangs kwam er weer zo'n bizarre collectie in de openbaarheid: hotelzeepjes en -shampootjes. Als culinair journalist heb ik tientallen jaren de wereld afgereisd en er waren tijden dat ik meer in hotels overnachtte dan thuis. Welnu, bij elke hotelovernachting heb ik keurig het zeepje en shampootje in mijn koffer gegooid. Daar heb ik er duizenden en duizenden van. Toen we in de forge de nieuwe badkamer gingen inrichten, zag ik mijn kans. Ik kocht grote vazen bij Blokker of Marskramer of zoiets en vulde die met miniflesjes. Dat staat heel leuk, onze gasten mogen voortaan zelf kiezen hoe ze willen schuimen en ruiken. Heb ik deze collectie nu helemaal ondergebracht? Welnee, op zolder ligt nog een hele berg van dat spul. Stel je voor, zo overpeins ik nu, dat ik al die hotelkamers kreeg terugbetaald. Dan zat ik niet in Saint-Pompon, maar kocht ik een eigen eiland. Vanuit mijn privéjet zou ik dan wel naar beneden zwaaien, zo ben ik nu ook weer.

woensdag 22 juni 2011

Ti'ponch


Kijk even op mijn andere blog, want daar heb ik zojuist mijn recept voor de ti'ponch gemeld.

Test


Vandaag heb ik een oude spiegel gepoetst en vervolgens even een test gedaan. Dit ben ik dus. Aangenaam.

dinsdag 21 juni 2011

Rinquinquin en de zonnewende


Het is vandaag 21 juni en voor de tradities die teruggaan tot de Keltische tijd, is deze dag van de zonnewende een groot moment. Vandaag vóór middernacht dienen de bladeren van de notenboom plus de onrijpe noten te worden geplukt als basis van de levenselixer die de gemiddelde leeftijd op het Franse platteland zo hoog maakt: de rinquinquin. Over dit onderwerp schreef ik vroeger al uitvoerig in mijn boek Overpeinzingen en op mijn blogs.
Na het plukken vandaag heb ik een aantal weckpotten genomen en die met diverse recepten gevuld. Voor de alcohol had ik Marc (alhohol van druivenpersrestanten) en Poire ter beschikking, beide van ongeveer 60°. De alcohol gaat vergezeld van notenbladeren en doormiddengesneden noten. De potten ga ik straks in de "coin perdu" zetten, het verloren hoekje. Daar mogen ze desnoods jarenlang blijven staan. In 2001 ben ik ermee begonnen en ook uit dat jaar heb ik nog potten. Mocht u deze zomer in de buurt van Saint-Pompon zijn, met plezier neem ik u mee naar het verloren hoekje om wat lekkers te proeven. De noten en bladeren werken in wezen hetzelfde als eikenhout, dus in de loop der tijd ontwikkelt zich een prachtige smaak.
Voor Carine die nog steeds in België aan het werk is, heb ik een partij noten geplukt voor de notenwijn.

Coquelicot


Het typische aan de Périgord is dat er altijd één bloem tegelijkertijd lijkt de bloeien. Op dit moment is dat de coquelicot of wel de klaproos die nu midden in zijn seizoen is. De foto maakte ik op het veldje achter het kasteel. Jammer dat de Rembrandtachtige lichtinval op de foto niet helemaal tot uitdrukking komt.

zondag 19 juni 2011

Stilte voor de storm?


Net is nog echt rustig in de Périgord. Iedereen doet zijn best om het voor de toeristen aangenaam te maken, maar dat is op dit moment nog vechten tegen de bierkaai. In Saint-Pompon ging gisterenavond het zomerprogramma van start. Elke zaterdagavond tot eind augustus staat het dorpsplein vol bestelautootjes en tentjes die iets te eten of te drinken presenteren. Van paella tot oesters, van confit de canard tot droge worsten, van omelette au truffe tot een boerenkaasje cabecou, je kunt het niet bedenken of het is present. Daarbij vloeien het bier en de wijn rijkelijk. Le Marché Gourmand heet dat. Wel je eigen borden en bestek meenemen. Hoewel dus iedereen zijn best had gedaan, was er nauwelijks publiek. Dat zal binnen een paar weken snel veranderd zijn.
Ikzelf heb gisteren bij de beenhouwersauto een mooi stuk filet pur (ossehaas) gekocht van bijna 400 gram. Dat had ik wel verdiend na die betonnen trap. Een mooie fles Pécharmant erbij en de avond kon niet meer stuk. Omdat ik na een mooi stuk vlees altijd graag een dame blanche degusteer, bestelde ik die. In het restaurant deden ze of ze water zagen branden. Norbert écoute, une dame blanche, c'est qua ça! Ik legde geduldig uit dat het een echte klassieker is. Vanilleijs met warme chocoladesaus en chantilly. Gelukkig lukte dat in de keuken min of meer, hoewel het dotje room uit de supermarktspuitbus me niet kon bekoren. Gevolg was dat àlle aanwezigen plotseling een dame blanche wilden proeven. Kijk, zo moet het. Maak de restaurantgangers jaloers en ze bestellen vanzelf.
Over toerisme gesproken, Saint-Pompon is niet echt een toeristisch dorp. Althans, we hebben hier geen pretpark, geen waterglijbaan, zelfs geen museum met opgezette Neanderthalers. Het museum is het dorp zelf. Vandaar dat hier vooral mensen door de straatjes komen wandelen, met het groene gidsje van Michelin in de hand. Van verre weet je al meteen van welke nationaliteit ze zijn. De Fransen zijn zondags-boers gekleed en hebben altijd drie kinderen plus oma bij zich. Die oma's wandelen er stevig op los, van rollators hebben ze hier nog nooit gehoord. Ook herken je de Fransen omdat ze een overvloedige belangstelling voor mijn oude motorfiets hebben, ze bestuderen dat ding minstens een kwartier, terwijl de kinderen braaf naar papa's uitleg luisteren. De Nederlanders herken je aan hun typische klederdracht: zij in een flodderbroek tot aan de enkels en kortgeknipt haar (is praktisch), hij in Jezussandalen. De Belgen herken je omdat ze na de rondwandeling een terrasje pakken. De Amerikanen roepen naar elkaar how nice alles is. It's a Disneyworld, zeggen ze. Duisters en Japanners heb ik hier nog nooit gezien. Het meest herkenbaar zijn de Engelsen. Die hebben ongeveer dezelfde kleding aan als de Nederlanders, maar dan in zeer merkwaardige kleurcombinaties. Knalgroen met roze of zoiets. Meestal draagt hij bij zijn korte broek blinkend gepoetste schoenen die bij een bruiloft zouden passen, maar het kunnen ook sandalen zijn. In elk geval heeft hij dan lange witte sokken met één of twee rode streepjes. Zie je iets dat je nog nooit hebt gezien, dan gaat het gegarandeerd om Engelsen. Vanochtend trippelden er twee door het dorp rond op wielrennersschoenen terwijl ze hun fietshelm ophielden. Op de helmen was een achteruitkijkspiegeltje gemonteerd. Typical English, geen verwarring mogelijk.

zaterdag 18 juni 2011

vrijdag 17 juni 2011


Wel enerverend, heb niet allen de handen vol blaren, zelfs ook op de voeten. Het einde komt in elk geval in zicht. Gelukkig ben ik nog steeds tot meer in staat dan de gemiddelde twintigjarige.


Voilà Carine. Mocht je denken dat ik daarstraks fotoshopte, hier enkele foto's die onmogelijk van Photoshop afkomstig kunnen zijn.
Typen lukt me nauwelijks meer, want mijn handen beven heftig van de kramp en inspanning. Bovendien gutst het zweet over m'n bril. Ik stop er even mee, pint vatten.
.

Aan het thuisfront


Bonjour tuusfronde. Om te bewijzen dat ik bepaald niet luier, hier enkele foto's. De volledige gevel, van A tot Z, is bezettingsvrij verklaard. Daarna ben ik in de aanval gegaan, met als slachtoffer die stomme betonnen trap. Het is zoals een oud mannetje zei dat een praatje kwam maken: en epoque, les ouvriers ne connaissaient pas des recettes. Destijds kenden de vaklui geen recepten, zeker niet als het om beton ging. Veel cement en kiezels, weinig zand, was het motto. Dat wreekt zich vandaag, het lijkt wel of de trap van Duitse makelij is, ontworpen door een bunkerbouwer. De buurtbewoners zullen het vast niet leuk vinden, het geluid van de kangoo weerkaatst tegen de heuvelwand.

woensdag 15 juni 2011

Un double recompense


Ik heb het thuisfront veel te melden, want gelukkig zijn er van die dagen dat alles meezit. Het begon er al mee dat iemand kennelijk spontaan de kapotte carburateur van mijn antieke motorfiets heeft vervangen, hij is weer helemaal spic en span. Wie het heeft gedaan, is een raadsel. Zo ook weet ik niet wie er vanochtend in alle vroegte een mand met groenten voor mijn deur zette. Knapperige sla, jonge artisjokken en smaakbom-aardbeien.

Frédéric en zijn vader kwamen vanochtend aangereden met een bobcat. Tegen het middaguur was de tuin van de forge helemaal geëgaliseerd, dus kunnen we graszoden bestellen. Ikzelf was sinds gisteren aan het ploeteren om de bezetting van een buitenmuur te kappen. Bij felle zon, dertig graden en een zware vochtige lucht. Met een hamertje want op zes meter hoogte op een wankele trap kun je geen machines bedienen. Zojuist heb ik die muur bezettingsvrij verklaard. Morgen komt nog een stuk bezetting aan de voorgevel aan de beurt (zie laatste foto). En dan had ook nog het thuisfront allemaal goed nieuws. Over vandaag was ik dermate tevreden dat ik bij Bruno twee pastis tegelijkertijd bestelde. Dat ga ik straks na het douchen herhalen. Un double recompense, zoals we hier zeggen.

maandag 13 juni 2011

Prachtig


Toen ik vanochtend opstond, regende het sinds lange, lange tijd. Maar al snel waren de wolken verdwenen en werd het aangenaam warm. Wijnboer Christian kwam ik op zijn rode tractortje tegen, hij was zeker blij met het hemelwater? Dat bleek niet het geval. 's Nachts regen en overdag zon wil voor hem zeggen dat er grote kans op schimmels is en dat is voor de wijngaard een ramp. Liever nog stellen de druiven het zonder water, hun wortels gaan tot tien meter diep en dus vinden ze het nodige altijd wel.
Toen er vanmiddag één klein donker wolkje aan de hemel verscheen, barstte ineens de hemel open. Het duurde hooguit vijf minuten en overal in de omtrek scheen de zon. Hoe wonderlijk kan de natuur zijn. Snel pakte ik mijn camera om een plaatje vanuit een zijraam te schieten. Fenomenaal. Prachtig. Maar meteen ook moest ik denken aan de wijnboeren voor wie dit rampzalig is. Maar wacht eens even. Als het klimaat goed voor schimmels is, schieten ook de paddestoelen als paddestoelen uit de grond. En dat stemt mij ondanks mijn medeleven met Christian toch weer vrolijk. Ommelette met cèpes of morilles, het leven kan slechter zijn.

Versierde bomen


Over de "mai" had ik het al eens. Maar wat je in Frankrijk ook vaak ziet, zijn sparreboompjes die met papieren bloemen zijn versierd. Op dit moment staat het er in Saint-Pompon vol mee. Er is namelijk een bruiloft in het dorp. Is het merkwaardig dat je dit gebruik overal in Europa ziet? Eigenlijk niet, want het is een traditie die al in de Keltische en Germaanse culturen begon. Onze kerstboom is er een rechtstreekse afleiding van.

zondag 12 juni 2011

Metereologisch fenomeen


Rond het middaguur was het zeer aangenaam in Saint-Pompon: vrijwel windstil en 23°C. Plotseling verscheen er een wolkenband aan de zuidwestelijke horizon. Op het moment dat die passeerde, steeg de temperatuur binnen 10 minuten naar 32°C en werd de lucht zeer zwaar en vochtig. Dit heb ik in Europa nog nooit eerder meegemaakt, wel in de tropen. Op de foto is het fenomeen te zien. Meteorologen noemen dit een front. Snel naar huis om naar de buienradar te kijken, er bleek geen regen op komst. Alleen zwaar weer van Bretagne totaan Parijs, maar dat is ver weg van hier.
http://www.weer.nl/nl/home/weer/neerslagradar/frankrijk.html

vrijdag 10 juni 2011

Tentje en luchtbedden


Het probleem van een vakantiehuis is dat je nooit meer op vakantie gaat. Vantevoren is duidelijk waar je in je vrije tijd heen gaat: naar je eigen huis natuurlijk. Maar af en toe hebben we best wel heimwee naar een paar dagjes strand, verbrand met zand tussen je billen. Dat is er al tien jaar niet van gekomen. Vandaar dat ik gisteren een tentje en twee luchtbedden ben gaan kopen. Waarom geen hotelletje gepakt? De allermooiste stranden van Europa vind je in de Médoc, het gebied ten noorden van Bordeaux. Omgeving Montalivet. De zee is er blauw, de zandstranden uitgestrekt. Echter, het is een natuurgebied voor campinggangers, hotels zijn er nauwelijks en die er zijn zitten stampvol. Vandaar dat we de komende zomer eens ouderwets gaan "puppen".

woensdag 8 juni 2011

Retour



Ik ben al bezig met inpakken want voor het weekend moet ik in Saint-Pompon zijn. Dit weekend vindt het grote mountainbike (ofwel in het Frans VTT: Vélo Tout Terrain) evenement plaats dat meetelt voor het wereldkampioenschap. Alle groten der bike-aarde verschijnen aan de start. Pierrot heeft de organisatie in handen en ik beloofde hem om er een reportage van te maken. Vervolgens gaan we een grasmat leggen in de tuin van de forge die is omgeploegd en inmiddels hopelijk ook is geëgaliseerd. Hoewel ik in de loop der tijd helpers heb gevonden die ik redelijk kan vertrouwen, weet je het in Frankrijk maar nooit. Je kunt bijvoorbeeld een datum hebben afgesproken en daarbij ongelukkigerwijs zijn vergeten om ook het jaartal te noemen.
Hopelijk is het zaterdag mooi weer, want dan kan ik de 920 kilometer afleggen op de ultieme manier: kap van de auto, zonnebril op, routemiep instellen "vermijd snelwegen", gernieten van het landschap en vele uren luisteren naar het prachtige bescheiden gebrom van m'n SSR...
Nu ik het over de SSR heb. Dat is een zeer zeldzame auto die de meeste mensen nog nooit hebben gezien, in alle landen heb ik veel bekijks. Behalve in Frankrijk. Zestig miljoen Fransen draaien hun hoofd om en zien die auto niet. Maar als je hem geparkeerd hebt, bijvoorbeeld om een paar verse croissants te kopen en je dus zelf niet bij de auto bent, is het ineens zwart van het volk. Zodra je zelf weer ten tonele verschijnt,stuift de massa uit elkaar als was het een kolonie kakkerlakken. Eén keer is er bijna iemand verongelukt. Ik was naar de doehetzelf geweest voor een paar spulletjes, stapte in de auto en startte de motor. Plotseling was er van alle kanten geroep van de kakkerlakken. Wat bleek? Er lag nog een vent onder de auto. Die was het ding aan de onderkant aan het bestuderen. Rare jongens die Fransozen.

zondag 5 juni 2011

De bezetting van de twintiger jaren


Wat in geen enkel geschiedenisboek te lezen staat, is dat Frankrijk ook in de twintiger jaren van de vorige eeuw bezet werd. Niet door de Duitsers.

In m'n heel vroegere leven heb ik beroepsmatig gevaren getrotseerd. Hoogtevrees had ik allerminst, want ik tokkelde, klom en sprong er vrolijk op los. Zo'n vijf jaar geleden echter, ik weet nog steeds niet hoe het kwam, stond ik plotseling te rillen als een rietje toen ik de ladder opging. Met knikkende knieën en klapperende tanden schoof ik voetje voor voetje weer naar beneden. Maar ja, ik moet in Saint-Pompon een huis verbouxwen, dus dat schiet niet op. Het huis is van binnen een droom, aan de buitenkant moet ik nog steeds bezetsel wegkappen om de vrijkomende natuurstenen mooi lichtgeel te voegen. Ik heb me voorgenomen om dit werkje deze zomer af te maken en daarvoor ben ik bij mezelf op cursus gegaan. Stiekem, zodat vooral niemand het kon zien, heb ik in Schilde een uitschuifladder tegen een boom gezet om te oefenen. Nu ben ik gelukkig weer zover dat ik de ladder op kan rennen en en passant onderweg nog even in de handen klap. Ik ben er dus weer helemaal klaar voor, laat het zand, de kalk en het cement maar komen!
De meeste natuurstenen huizen in Frankrijk zijn bezet met een vieze grauwe cementlaag. Het blijkt dat dit in de twintiger jaren van de vorige eeuw plotseling mode werd, overgewaaid uit Parijs. Hoeveel miljoenen tonnen cement moet hiervoor gebruikt zijn! En al die miljoenen tonnen worden tegenwoordig weer driftig afgekapt. Het is vooral een tijdrovend werk waar je grote neusgaten van krijgt. Met een hamer en bijtel hoef je het niet te proberen, je moet geëquipeerd zijn. Voor het werk heb ik drie klopboren aangeschaft: een kleintje, een middelmaat en een hele grote. Het kleintje gebruik je om boven je macht te werken, met de grootste val je de onderste halve meter aan want die is van een soort beton. Nadat het bezetsel weg is, moet je de oude zandvoegen tussen de stenen tot zo'n 10 cm diepte vrijmaken met een oude schroevendraaier. Na al dit vreselijke werk ben je nog maar op de helft, want het voegen kan beginnen.
Het recept voor de voegspecie is op elke plaats anders, want je moet de kleur van de stenen zo veel mogelijk respecteren. In Saint-Pompon zijn de stenen lichtgeel. Daarom gebruik ik 14 delen rood zand uit de plaatselijke groeve op 5 delen kalk (Tradifargue) en 3 delen witte cement. Het is onvoorstelbaar hoeveel voegsel er in de muren kruipt. Om een indruk te geven: bij de binnenmuren heb ik hetzelfde gedaan, voor één huis had ik 4 kuub zand nodig!
Sommige huizen worden helemaal verpest door gewone grijze cement te gebruiken. Helemaal fout, zo vind ik. Op de foto ziet u mijn recept op de muur van een slaapkamer.